Beeldenstormen

RP-P-OB-66.160

 

Deze zomer 450 jaar geleden begon de Nederlandse Beeldenstorm - op 10 augustus 1566 in het West-Vlaamse Steenvoorde. De beweging verspreidde zich snel naar het oosten en noorden. Katholieke kerken en kloosters werden gezuiverd van heiligenbeelden en crucifixen, alles wat geassocieerd werd met de mis: ook hosties, altaren en priesterlijke gewaden moesten er op veel plaatsen aan geloven. Het vernielen van heilige beelden, plaatsen of objecten was in 1566 niet nieuw en evenmin uniek- West-Europees. 

Lees meer...

Geschiedenis Magazine: het komende nummer

De redactie is weer bezig met een prachtig nummer. Wat u daarvan kunt verwachten leest u hieronder. Dit nummer thuis ontvangen? Profiteer vóór donderdag 21 juni van onze introductieaanbieding: 1 jaar Geschiedenis Magazine van € 64,50 voor slechts € 37,50 én cadeaus!

 Cover editie 5

 

Wat Winston Churchill leerde van de Eerste Wereldoorlog

Mike Harmsen

Terugkijkend op zijn benoeming tot premier op 10 mei 1940 schreef Winston Churchill in zijn boek The Second World War (1948): ‘Het voelde alsof dit mijn levenslot was en alles in mijn voorgaande leven slechts een voorbereiding was voor dit uur en deze test.’ Hij doelde vooral op zijn bittere ervaringen tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen hij minister van Marine was. Door de faliekante mislukking van de Brits-Franse invasie in de Dardanellen (1915) kreeg zijn reputatie een enorme deuk, maar niet zijn zelfvertrouwen. Churchill viel lelijk van zijn voetstuk, maar vocht zich een weg terug. 

Vergeten kolonie - Naar de barrebiesjes

Ruud Paesie

In onze serie Onbekende Compagnieforten: Fort Nassau in het huidige Guyana. In 1627 vestigden zich Zeeuwse kolonisten aan de oever van de rivier de Berbice. Ze wilden suikerplantages beginnen en handeldrijven met de plaatselijk indianen. Tegen aanvallen van Europese concurrenten én van indianen bouwden ze een fort. Het was moordend vochtig en heet in Berbice en er heersten dodelijke ziektes: de kolonisten gingen, kortom, naar de barrebiesjes.
 

Muren tegen plunderaars

Bert Overbeek

Donald Trump beloofde aan de grens met Mexico een muur te bouwen om illegale immigratie vanuit Latijns Amerika te stoppen. Ook elders bouwen regeringen grensmuren of hermetisch gesloten prikkeldraadbarrières. Dit is geen nieuw verschijnsel. Heel beroemd is de Muur van Hadrianus tussen Engeland en Schotland uit de 2de eeuw. Geschiedenis Magazine laat zien hoe die werkte. 

Journalist bij Radio Oranje 

Mels Sluyser

De Joodse bevolking van Nederland heeft een complexe relatie tot het koningshuis. De reputatie van de Oranjes was vlak voor de Tweede Wereldoorlog tamelijk goed, maar heeft tijdens de bezetting een knauw gekregen: waarom heeft koningin Wilhelmina, veilig in Londen, het niet vaker via Radio Oranje voor de vervolgde Joden opgenomen? Wrang toeval: het was een Joodse journalist die de naam Radio Oranje bedacht. Hij wist nog net te vluchten in mei 1940.

Facebook rond 1600

Sophie Reinders

Het wordt steeds duidelijker: wie actief is op sociale media en het internet, beseft dat zijn of haar persoonlijke gegevens te grabbel kunnen komen te liggen. Dit is geen nieuw probleem. Adellijke jongedames en -heren hadden in de 16de en 17de eeuw natuurlijk geen internet, maar wel hielden ze vriendenboekjes bij, een soort poesiealbum voor volwassenen waarin de vrienden en kennissen versjes schreven en tekeningen maakten. Ook konden ze op elkaar reageren. Wie goed kijkt, ziet dat men ook toen er al rekening mee hield dat die boekjes in verkeerde handen konden vallen. 

 


Dit nummer thuis ontvangen? Profiteer voor donderdag 21 juni van onze introductieaanbieding!

1 jaar Geschiedenis Magazine van € 64,50 voor slechts € 37,50 + cadeaus!

Proefabonnement (2 nummers) voor slechts € 9,50


WOII: de enorme veldslag bij Koersk

Mike Harmsen

Voorjaar 1943 vochten de Duitsers tegen de Russen in een van de grootste tankslagen die er ooit zijn uitgevochten: de slag bij Koersk. Sovjetrapporten gaven destijds aan dat er wel 1500 tanks en gemechaniseerde voertuigen meededen. Dit is overdreven, maar na opening van de archieven van de Sovjet-Unie bleek dat het er toch nog wel zo'n 700 geweest kunnen zijn. Wat was de inzet van deze mega-operatie?

De Nederlandse Jules Verne

Fanta Voogd

Een nieuwe afsluitdijk aan de noordkant langs de Waddenzee is volgens sommige ingenieurs onvermijdelijk, onder meer vanwege de zeespiegelstijging. Die nieuwe dijk moet dan lopen van Den Helder via de Waddeneilanden naar Friesland. Een wild plan? In elk geval al een verrassend oud plan. Bedenker was ‘de Nederlandse Jules Verne’ van de 17de eeuw.

‘Sleeswijk is Deens!’

Ivo van de Wijdeven

Een groep Denen wil de tijd terugdraaien. Met de terugkeer van grenscontroles in Europa in het kielzog van grote migrantenstromen en terroristische aanslagen, leeft ook het nationale verlangen naar het herwinnen van ooit verloren gebied aan de andere kant van die nu zo duidelijke grens weer op. In het doorgaans vredelievende Denemarken zijn mensen die tot in de Middeleeuwen terug gaan om hun claim kracht bij te zetten dat Sleeswijk bij Denemarken hoort. Hierbij vinden ze dan wel grote buur Duitsland op hun pad.

De Roep van Rome

Arthur Weststeijn

Veel geleerden uit Noord-Europa gedroegen zich in de vroeg-moderne tijd als wannabe Romeinen; ze trokken voor studie of werk naar de eeuwige stad en namen een Latijnse naam aan. Zucht naar internationaal prestige was academici ook toen natuurlijk niet vreemd. Zo wild ook de beroemdste Nederlandse geleerde in de geschiedenis, de Rotterdammer Desiderius Erasmus (die volgens sommige bronnen eigenlijk gewoon Geert Geertsz heette), het in Rome gaan maken. Lees in Geschiedenis Magazine of hem dat lukte.

Het isolement van de CPN

Tijn Sinke

In de jaren ’60 kregen Nederlandse communisten een beetje aanzien in de politiek. Maar daarvoor opereerden ze jarenlang in totaal isolement. Dit staat in schril contrast tot hun rol in het verzet tijdens de oorlog, en de hoop in 1945 bij de Communistische Partij Nederland (CPN) dat zij de waardering hiervoor zou kunnen verzilveren in een politieke doorbraak. En inderdaad, in 1946 kregen ze nog 10% van de stemmern bij de Tweede-Kamerverkiezingen. De traditionele verklaring voor de marginalisering is simpelweg dat de CPN niet volwaardig mee kon draaien door de verzuiling en door de Koude Oorlog. Maar klopt dat wel?

Op de bokkenkar

Mario Broekhuis

Vier antieke minivoertuigjes van Kasteel Duivenvoorde in Voorschoten hebben de tand des tijds doorstaan, wat bijzonder is voor kinderspeelgoed. De bokkenkar was nog in familiebezit, de ezelwagen, de bokkenkar en het bokkensleetje stonden afgeragd in het depot van een museum. Om te kunnen laten zien hoe de jeugd op de buitenplaats speelde, werden ze gerestaureerd. In Geschiedenis Magazine leest u waarom de ouders omstreeks 1900 het aanmoedigden dat hun kinderen er in het kasteelpark mee speelden. 

Franse Revolutie opnieuw bekeken

Bart Verheijen

Jonathan Israel is een beroemd maar ook omstreden onderzoeker van de Verlichting. Hij past zijn ideeën nu ook toe op de Franse Revolutie (1789). Hoewel er over de Revolutie bibliotheken zijn volgeschreven zijn historici er volgens Israel nog niet helemaal in geslaagd de daadwerkelijke betekenis te doorgronden. Hoe zit het naar zijn idee dan wel?

Molukse geschiedenis op de planken

Francis Boer

In de jaren ’50 kwamen de Molukkers naar Nederland. Ze kwamen in woonoorden terecht, waar vooral de eerste generatie vol heimwee bleef hopen op terugkeer. De tweede generatie werd opgevoed in het besef dat er onrecht was geschied. Frustratie over het uitblijven van politieke hulp van Nederland aan het Molukse onafhankelijkheidsideaal leidde uiteindliekj tot de terreuracties van de jaren ’70. Dit ligt allemaal nog steeds gevoelig. Een theaterproject in Hoogeveen gaat de confrontatie aan met dit pijnlijke verleden. 


Geschiedenis Magazine thuis ontvangen? Profiteer voor donderdag 21 juni van onze introductieaanbieding en ontvang dit prachtige nummer thuis.

1 jaar Geschiedenis Magazine van € 64,50 voor slechts € 37,50 + cadeaus!

Proefabonnement (2 nummers) voor slechts € 9,50

Onderduikhol in Drenthe

OnderduikLang niet alle onderduikadressen waren zo relatief gerieflijk als het Achterhuis van Anne Frank. Samen met haar familie beschikte ze er over een vrij ruim appartement, compleet met (provisorische) keuken en badkamer. Aan de andere kant van het spectrum zaten mensen verscholen in kieren en gaten, verstoken van bewegingsvrijheid. Soms besloten mensen zelfs letterlijk ondergronds te gaan.

Lees meer...

Miguel de Cervantes - Tegen geldzorgen vechten

12Wat een romanpersonage overkomt, is niet per se een autobiografisch verslag van het leven van de auteur. Dit leren we op school en het is een goede vuistregel. Maar soms mag je er een beetje van afstappen, zoals bij de avonturen van Don Quichot, de beroemdste schepping van de Spaanse schrijver Miguel de Cervantes (1547-1616). Niet dat je Cervantes mag vereenzelvigen met zijn hoofdpersoon Alonso Quijano, die door overmatige consumptie van ridderromans zelf een gestoorde ridder wordt.

 

 Marianne Mooijweer


Samen met zijn eenvoudige buurman Sancho Panza als schildknaap doolt hij door de streek La Mancha, de hoogvlakte ten zuiden van Madrid. Onder de fiere adellijke naam Don Quichot trekt hij nobel op zijn stoere raspaard Rocinante ten strijde tegen kwade tovenaars en boeven, beweert hij zelf. De lezer ziet door Cervantes’ humoristische satire wat hij werkelijk is: de ridder van de droeve figuur die op een vemoeide knol, gehuld in een papieren helm en zelfgemaakt harnas, windmolens voor vijandige reuzen verslijt.

 

Barbarijse zeerovers

Het aantrekkelijke van het boek zit hem, behalve in de levendige dialogen, in de confrontatie van de waandenkbeelden van Don Quichot met de werkelijkheid. Die wordt vertegenwoordigd door de nuchtere dikzak Panza die van de gewone geneugten des levens houdt <H> Panza betekent pens <H> en door andere aardse personages. Ook de verhalen die Cervantes erin verwerkte, gaan erover hoe de wereld echt in elkaar zit. In een ervan laat Cervantes de romanfiguren wel degelijk beleven wat hem zelf overkwam, namelijk dat hij vijf jaar als blanke slaaf voor Barbarijse zeerovers in Noord-Afrika heeft moeten werken. Hij voer in 1575 op de Middellandse Zee op de galei El Sol toen die werd gekaapt en de opvarenden werden verkocht als slaaf op de markt in Algiers. Pas in 1580 konden zijn ouders hem vrijkopen en keerde hij terug naar Spanje. Het avontuur verwerkte hij in Don Quichot en een paar toneelstukken.


Cervantes was met de El Sol op weg naar huis. Hij was vijf jaar in het buitenland geweest om er geld te verdienen. Zijn familie was niet rijk. Over de jeugdjaren van Cervantes is weinig bekend, maar wel is vrij zeker dat hij weinig formele scholing heeft gehad, dat vader Cervantes als kapper en chirurgijn aan lagerwal was geraakt en het zich niet kon permitteren om boekenwurm Miguel naar een universiteit te sturen. In 1569 verliet de 22-jarige zoon het land en werd na een tijdje soldaat in Napels, toen een Spaanse kroonkolonie. Hij vocht onder andere in de Slag bij Lepanto (1571) tegen de Turken, zeer dapper volgens verschillende ooggetuigen. Zijn linkerhand raakte er voorgoed bij verlamd.


Worstelen met de financiën
3Cervantes had al voor hij uit Spanje vertrok literaire aspiraties <H> zijn eerste gedicht was net gepubliceerd <H> en toen hij uit Algiers terugkwam, probeerde hij aanvankelijk rond te komen als schrijver. Er kwamen wel wat toneelstukken van hem in de theaters die toen net in de Spaanse steden verschenen, maar het publiek was er matig over te spreken, hoewel de acteurs niet werden weggehoond of bekogeld met groenten, zoals Cervantes zelf trots vaststelde. Veel van deze stukken zijn verloren gegaan, maar wat er rest is wat serieuzer van toon dan de komedies waarmee bijvoorbeeld zijn tijdgenoot Lope de Vega succes had. Cervantes zal niet veel theaterdirecteuren hebben gevonden die ze op de planken wilden brengen; in elk geval lukte het hem zo niet om voldoende geld te verdienen voor zichzelf en zijn gezin. (Hij trouwde in 1584 en had zijn dochter uit een eerdere verhouding bij zich in huis.)


Hij maakte pas met de publicatie van Don Quichot een klapper, in 1605. De jaren ervoor heeft hij geworsteld met zijn financiën - en er na trouwens ook, want hij had geen talent voor cijfers en boekhouden. Hij solliciteerde naar ambtenarenbaantjes, ook in de Spaanse koloniale gebieden in Amerika, maar slaagde er niet in een vaste betrekking te vinden. Zo heeft hij een tijdje in Andalusië achterstallige belastingen geïnd en was hij een jaar bevoorradingsintendant voor de Armada, de grote vloot waarmee koning Filips ii in 1588 Engeland wilde aanvallen. Om geld, olie of graan los te krijgen van de boeren trok hij dus maanden over het hete en stoffige platteland - óók een ervaring die in Don Quichot terugkomt.


Wat Cervantes ook ondernam, een vast inkomen leverde het niet op, en áls hij werk had, maakte hij van de administratie vaak weer een potje. Door conflicten met superieuren of omdat hij zijn schulden niet op tijd betaalde, kwam hij zelfs een paar keer in de gevangenis.
Hij bleef wel schrijven. In 1605 publiceerde een boekhandelaar in Madrid zijn Don Quichot, wat meteen een succes werd en hetzelfde jaar ook in andere steden herdrukt werd. Nu kreeg hij ook makkelijker ander werk gepubliceerd: lange gedichten, nog weer wat toneelstukken en korte verhalen, een genre dat hij vernieuwde omdat hij als eerste niet het Latijn maar het Castiliaans gebruikte.


Voor de wind ging het hem financieel nog altijd niet. Hij zocht en kreeg mecenassen. In 1615 droeg hij het tweede deel van Don Quichot op aan een van hen, en in een werk van enkele maanden later richt hij zich opnieuw beleefd maar met humor tot deze graaf van Lemos. Cervantes ligt ziek te bed, 'één voet al in de stijgbeugel, de doodskleur reeds op de kaken', schrijft hij, maar hoopt de graaf nog te zien; 'de benauwdheid neemt toe, de hoop af'. Cervantes overleed vier dagen erop.


Literaire canon
De auteur heeft er nauwelijks van geprofiteerd, maar Don Quichot kreeg ook in het buitenland snel lezers, in de noordelijke Nederlanden aanmerkelijk later dan in bijvoorbeeld Engeland en Frankrijk. Dit kwam door de Tachtigjarige Oorlog. Van een Spaanse schrijver wilden we hier toen weinig weten. In 1643 pas kwamen hier zijn Voorbeeldige Novellen uit, in 1657 een integrale vertaling van beide delen van Don Quichot.


Het werk is inmiddels in zestig talen vertaald; overal ter wereld betekent 'tegen windmolens vechten' een denkbeeldig gevaar bestrijden en 'donquichotterie' ondoordacht idealisme. Door bewerkingen voor kinderen en film- en musicalversies is dit vreemde span, de man van La Mancha hoog te paard naast zijn dikbuikige, kritische assistent op een ezel, een algemeen bekend beeld. Verschillende componisten hebben het verhaal of hoogtepunten eruit op muziek gezet. Cervantes zelf heeft balladen gecomponeerd voor Don Quichot en verweefde veel liederen en dansen in de avonturen van zijn dolende ridder. Hij moet veel van muziek geweten hebben en hij bespeelde vast zelf een vihuela om met een lied zijn geldzorgen weg te zingen denkt Jordi Savall die in 2005 de muziek uit Don Quichot op de plaat heeft gezet.
In 2015 werden Cervantes' stoffelijke resten ontdekt; enige eeuwen waren die spoorloos geweest. Er volgde een officiële herbegrafenis in Madrid, met militaire eer, omdat hij ooit soldaat voor Spanje was geweest. Zijn verjaardagen worden in het hele land gevierd met voorleessessies. Cervantes stierf arm, maar voert nu dan toch de literaire canon in Spanje aan.

Aanmelden nieuwsbrief