Moordaanslag op prins Maurits

300 jaar geleden, 13 mei 1619: Johan van Oldenbarnevelt werd onthoofd op het Binnenhof. Het was een schokkende gebeurtenis, zeker voor zijn familie. Maurits had Oldenbarnevelt kort voor zijn terechtstelling beloofd dat hij zijn zoons het leven niet moeilijk zou maken, maar Reinier en Willem verloren toch zonder goede aanleiding hun posities. Ze gingen over tot radicale actie...

Willem en Reinier van Oldenbarnevelt verkeerden vanaf 1619 in penibele omstandigheden. Willem werd na de executie van zijn vader ontslagen als ritmeester in het leger en als gouverneur van Bergen op Zoom. Reinier verloor zowel zijn ambt als opperhoutvester van Holland als zijn betrekking als hoogheemraad van Delfland. Willem trok met zijn vrouw voor onbepaalde tijd in bij Reinier en diens gezin, die nog een huis bezaten op de hoek van de Kneuterdijk en de huidige Parkstraat in Den Haag.

 

Onthoofding van Johan van Oldenbarnevelt. De prent is waarschijnlijk gemaakt door Esaias van de Velde kort na de terechtstelling (Rijksmuseum Amsterdam).

 

Wrokken aan de Kneuterdijk

Niet alleen hadden ze geen werk meer, er was voorlopig ook geen uitzicht op het kapitaal van hun vader, want de afwikkeling van de verbeurdverklaring van zijn goederen zou vele jaren duren. Bijna niemand wilde zelfs maar de schijn wekken met de broers bevriend te zijn, omdat dit fataal kon zijn bij het dingen naar een ambt. Ze werden door de representanten van het nieuwe regime met de nek aangekeken en zagen hun vader voortdurend beschimpt in een eindeloos lijkende reeks pamfletten en gedichten. Ook hun zwagers Cornelis van der Mijle en Reinout van Brederode hadden het zwaar te verduren en verloren hun plaats in de Raad van State en de Staten van Holland.

De broers wrokten aan de Kneuterdijk over de huns inziens volstrekt onrechtvaardige dood van hun vader. Beide broers, van dezelfde ‘rekkelijke’ geloofsovertuiging als hun vader, voelden zich door Maurits op grond van hun afkomst aan de schandpaal genageld. Voor Willem, altijd al veruit de meest voortvarende en doldrieste van de twee, was het inmiddels duidelijk dat er maar op één manier verbetering in hun situatie kon komen: alleen als Maurits uit de weg was geruimd zouden de oude tijden, waarin voor de remonstranten naast de contraremonstranten in de Republiek een plaats was, kunnen herleven. Hij was ervan overtuigd dat hij ruim voldoende medestanders had, die het volledig met hem eens waren.

Willems ideeën over wat voor bewind er in de Republiek zou komen als Maurits vermoord was, waren nogal vaag. Hij dacht dat dan veel stadsbesturen weer in remonstrantse handen zouden vallen. Vooraanstaande remonstrantse regenten zouden daarom allemaal aan een aanslag meewerken. Frederik Hendrik kon zijn halfbroer opvolgen, want hij stond bekend als pro-remonstrants en zou in onmin met Maurits leven.

Prins Maurits, 18de-eeuwse prent (Rijksmuseum Amsterdam).
 

Wederoprichting van het rijk van Israël

Of Willem dit echt heeft geloofd of alleen zo heeft voorgesteld om voldoende steun voor zijn plan te krijgen, is niet duidelijk. Het sloot in ieder geval wel goed aan bij de verwachting die de remonstranten van een omwenteling hadden. Zij noemden die revolutie onder elkaar de wederoprichting van het rijk van Israël, opdat zij van elkaar wisten waarover ze spraken zonder het beestje bij de naam te noemen.

Het lag voor de hand dat Willem voor zijn complot steun bij de remonstranten zou zoeken. Zij waren immers het meest verontwaardigd over het optreden van het nieuwe contraremonstrantse regime in geloofszaken, waarin Maurits de dienst uitmaakte.

Wie zouden zich aansluiten zich aan bij het complot? En hoe liep de aanslag precies af? Lees het in het juni-nummer van Geschiedenis Magazine, vanaf 24 mei in de winkel!

 

Delen: