Het Philips Kommando in concentratiekamp Vught
Tijdens de Tweede Wereldoorlog had het Eindhovense elektronicabedrijf Philips een eigen fabriek binnen het prikkeldraad van concentratiekamp Vught. Ruud Stevens vertelt het verhaal achter het unieke Philips Kommando.
Nog geen vier minuten hadden de bijna honderd Britse bommenwerpers op 6 december 1942 nodig om de Philipsfabrieken in Eindhoven grote schade toe te brengen. Duizenden arbeiders verloren door dit Sinterklaasbombardement hun werkplek. De luchtaanval was gericht tegen de Duitse oorlogseconomie: Philips was, net als veel andere Nederlandse ondernemingen, onder Duitse ‘Verwaltung’ (beheer) komen te staan en gedwongen om ook voor de bezetter te werken.
‘Konzentrationslager Herzogenbusch’
De top van het bedrijf was toen overigens allang naar Amerika gevlucht, op één directielid na: Frits Philips. Als reserveofficier, vond hij, kon hij zijn land niet zonder toestemming verlaten. Hij kreeg daardoor meteen na de Duitse inval als 35-jarige de dagelijkse leiding over het bedrijf in de schoot geworpen, terwijl de ‘Verwalter’ toezicht hield. Een van de vele dilemma’s waar hij voor kwam te staan diende zich aan in januari 1943: de Duitsers meldden zich met het verzoek of zijn bedrijf werk kon verschaffen aan gevangenen in ‘Konzentrationslager Herzogenbusch’, oftewel concentratiekamp Vught, bijna dertig kilometer in noordwestelijke richting. Dit was een strafkamp voor gevangenen die als staatsgevaarlijk werden beschouwd, zoals politieke tegenstanders en verzetsstrijders, én het diende als opvang- en doorgangskamp voor Joden. Kamp Vught was in dezelfde maand geopend omdat de doorgangskampen Amersfoort en Westerbork overbelast waren.
Voorwaarden
Eerst hield Philips de boot af, maar na overleg met directieleden en Philipswerknemers in het verzet stemde hij toch in. De precieze reden van deze ommezwaai is nooit duidelijk geworden. Misschien wilde hij de gevangenen in Vught helpen: verhalen over de miserabele omstandigheden in strafkamp Amersfoort waren alom bekend. Mogelijk werkte Philips mee omdat hij zich zorgen maakte over de toekomst van zijn bedrijf en werknemers. De Duitse bezetter stuurde sinds 1942 steeds meer Nederlanders naar Duitsland om daar te werken. Deze ‘Arbeitseinsatz’ trof ook duizenden Philips-werknemers, vooral degenen die na het Sinterklaasbombardement niet meer aan het werk konden. Nadat de werkplaats van Philips in kamp Vught een aantal maanden in bedrijf was, zijn er inderdaad geen arbeiders van het bedrijf meer naar Duitsland gestuurd. Of er afspraken over zijn gemaakt, is niet bekend, maar Frits Philips stelde hoe dan ook wel wat voorwaarden.
Zo moest de leiding over de werkplaats in handen komen van zijn medewerkers, en zij moesten vrij het kamp in en uit kunnen gaan. Het bedrijf zou bepalen welk werk er gedaan werd, op welke wijze en met hoeveel mensen. Sommige producten gingen naar Eindhoven om door het bedrijf te worden verkocht, andere waren voor de Duitse oorlogseconomie. Frits Philips wilde dat zijn bedrijf de gevangenen voor dit werk zou selecteren, dat zij betaling mochten ontvangen én dat het bedrijf hun dagelijks een warme hap mocht voorschotelen. De Duitsers stemden er mee in, al moest Philips de SS per gevangene een vergoeding van enkele guldens betalen.
Arbeitskommando
In februari 1943 startte de Speciale Werkplaats B677, ook wel het Philips Kommando genoemd, naar analogie met de term ‘Arbeitskommando’ die de Duitsers gebruikten voor groepen gevangenen die hetzelfde werk deden. Philips was het enige private bedrijf tijdens de Tweede Wereldoorlog met een fabriek ín een concentratiekamp. Dwangarbeid was weliswaar gebruikelijk maar die vond plaats bij door de SS zelf opgerichte bedrijven of bij particuliere ondernemers buiten een kamp.
Zoals afgesproken kwam de leiding in handen van een Philips-werknemer: Rutger Laman Trip, tot dat moment bedrijfsleider in een fabriek van de firma. Hij onderhield nauwe contacten met Frits Philips, maar noodgedwongen ook met de kampcommandant.
Het Philips Kommando groeide. Er werden niet alleen scheerapparaten en radiotoestellen maar ook transformatoren, radiobuizen en knijpkatten gemaakt. Het Philips Kommando bood de gevangen medewerkers bepaalde voordelen, zoals een dagelijkse warme maaltijd (de zogeheten 'Philiprak’) en extra pauzes die Philips had bedongen. In het aankomende nummer vertelt Ruud Stevens meer over het leven in de Philipsfabriek in Kamp Vught. Abonnees ontvangen dit nummer omstreeks 9 juli. Dit nummer niet missen maar nog geen abonnee? Meld je aan vóór donderdag 25 juni, dan krijg ook jij dit nummer thuisgestuurd.
Delen: