10 juli 1985: Aanslag op de Rainbow Warrior van Greenpeace

De Rainbow Warrior, het iconische vlaggenschip van Greenpeace, duikt begin jaren ’80 voortdurend op in het nieuws. Niet zonder gevaar leveren de actievoerders van de milieuorganisatie in hun kleine rubberbootjes op volle zee spectaculair strijd tegen de walvisjacht, het doodknuppelen van jonge zeehondjes om hun bont en het dumpen van radioactief en chemisch afval op zee. Wanneer de Franse regering in 1985 aankondigt weer kernproeven uit te gaan voeren op Mururoa in de Stille Oceaan, komt Greenpeace in actie en zet koers naar Nieuw-Zeeland. Maar de Franse geheime dienst is volledig op de hoogte dankzij een geïnfiltreerde spion en voert de geheime operatie ‘Satanique’ uit: een aanslag op het schip. 

Het verhaal van Greenpeace begint eind jaren ’60. De Amerikaanse overheid test in die jaren atoomwapens op het eiland Amchitka bij Alaska. Natuurbeschermers en wetenschappers vrezen dat de kernproeven een grote natuurramp zullen veroorzaken, ook door tsunami’s. Een groep activisten in Vancouver besluit het ‘Don’t Make a Wave Committee’ op te richten. Een benefietconcert levert genoeg geld op om een boot te kopen om daarmee actie te gaan voeren.

In 1971 wordt de boot - ‘Greenpeace’ gedoopt - onderweg naar de wateren rond Amchitka onderschept door de Amerikaanse marine, maar de actie heeft toch grote impact. De Amerikaanse publieke opinie keert zich tegen kernproeven in Alaska en die worden nog datzelfde jaar stopgezet.

Het comité noemt zich voortaan kort maar krachtig Greenpeace. Het welzijn van de planeet in brede zin wordt het centrale thema van de organisatie. In 1977 koopt ze de Rainbow Warrior.

Actievoerders van Greenpeace gebruikten op 2 juni 1989 de Rotterdamse Euromast om te protesteren tegen de vervuiling van de Noordzee. (Afbeelding: Nationaal Archief, Rob Croes, Anefo, nr. 2.24.01.05)
 

Spionne
Wanneer de Franse regering in 1985 aankondigt weer kernproeven uit te gaan voeren op het atol Mururoa in de Stille Oceaan - tussen 1966 en 1974 zijn daar al tientallen tests gehouden - , komt Greenpeace in actie. De Rainbow Warrior zet koers naar Nieuw-Zeeland. Het plan is om vanuit Auckland met een kleine vloot naar Mururoa te varen om de proeven te dwarsbomen, in een poging het succes van Amchitka te herhalen.

De Franse regering is echter volledig op de hoogte van de plannen. In het Greenpeace-kantoortje in Auckland is namelijk een Franse spionne geïnfiltreerd als activist en zij brieft alles door naar haar collega’s bij de Franse geheime dienst. Op hoog niveau wordt besloten om verregaande tegenmaateregelen te treffen: een speciaal team krijgt opdracht om de Rainbow Warrior tot zinken te brengen in de haven van Auckland. De operatie krijgt de onheilspellende codenaam ‘Satanique’.

Met een zeiljacht worden magnetische kleefmijnen naar Nieuw-Zeeland gesmokkeld. Daar levert een tweetal Franse agenten dat zich voordoet als pas getrouwd Zwitsers echtpaar ze af bij een twee man tellend duikteam. Het zogenaamde echtpaar maakt gebruik van de gastvrijheid van de crew van de Rainbow Warrior - die immers zoveel mogelijk aandacht wil genereren voor de aanstaande actie - om het schip te verkennen.

De Rainbow Warrior in de Amsterdamse haven, 2 maart 1981. (Afbeelding: Nationaal Archief, Hans van Dijk, Anefo, nr. 2.24.01.05).
 

Geen schijn van kans
Op 10 juli 1985 slaat de Franse geheime dienst toe: het duikteam plaatst de kleefmijnen. De eerste explodeert even na half twaalf ’s avonds en slaat een gat ter grootte van een kleine auto in de romp van de Rainbow Warrior. De bemanningsleden, net klaar met een vergadering, schrikken zich wezenloos. Ze verlaten direct het schip, maar een aantal gaat terug om te kijken wat er is gebeurd. De Portugees-Nederlandse fotograaf Fernando Pereira haalt benedendeks zijn camera om de schade te kunnen vastleggen. 

Dan explodeert om kwart voor twaalf de tweede mijn. De Rainbow Warrior zinkt als een baksteen. Binnen paar minuten ligt het schip op de bodem van de haven. Pereira heeft geen schijn van kans en verdrinkt. De rest van de bemanning overleeft de aanslag.

De politie start direct een grootschalig onderzoek. De Franse vingerafdrukken op dit staaltje staatsterrorisme zijn onmiddellijk duidelijk. Hoe dat afliep? Dat lees je in het aankomende nummer 5 van Geschiedenis Magazine. Abonnees ontvangen dit nummer omstreeks 11 juli. Dit nummer niet missen maar nog geen abonnee? Abonneer vóór donderdag 26 juni, om dit nummer te ontvangen. 

 

Delen: