De onbekende Poolse bevrijders

2 Polen

 

Nederland is bevrijd door Canadezen, Engelsen en Amerikanen ... en door Polen. Maar dat laatste staat niet in onze geschiedenisboeken. Hun bijdrage raakte ondergesneeuwd door de internationale situatie van na de oorlog. Nederland erkende het nieuwe stalinistische regime in Warschau, dat de militaire bijdrage van hun landgenoten aan het Geallieerde leger als landverraad beschouwde, zo beschrijft Miriam Guensberg voor Geschiedenis Magazine. 

 

Rol van de Poolse bevrijders
Wie hebben Nederland bevrijd in de Tweede Wereldoorlog? Bijna iedereen zal onmiddellijk aan Canadezen, Amerikanen en Engelsen denken. Dat er met de Geallieerden ook 250 000 Poolse militairen meevochten, is nagenoeg onbekend. Behalve dan in plaatsen als Breda, Axel, Emmen en Driel, waar de Polen als bevrijders geëerd worden met monumenten, straatnamen en festiviteiten. Ook in onze geschiedenisboeken wordt de rol van de Poolse bevrijders niet of zeer summier genoemd. Sterker nog, de Poolse generaal Stanislaw Sosabowski werd jarenlang onterecht verantwoordelijk gehouden voor het mislukken van de Slag om Arnhem. Pas in 2005 werd hij volledig gerehabiliteerd.

 

Verdwenen achter het IJzeren Gordijn
De Poolse bijdrage was van substantieel belang. Waarom het zo lang geduurd heeft voordat dit algemeen erkend werd, is moeilijk te verklaren. Het feit dat Polen zich na de oorlog niet kon aansluiten bij de andere voormalige Geallieerden, maar achter het IJzeren Gordijn verdween, en dat de Nederlandse regering zich hierbij heeft neergelegd, speelt in elk geval ook een rol. Ondervonden de Poolse militairen in Nederland na de oorlog weinig dankbaarheid voor hun verdiensten, in hun eigen vaderland was het nog erbarmelijker. Dit had alles te maken met de nieuwe politieke situatie die in hun thuisland was ontstaan. In Polen was na de oorlog door de Russen een stalinistisch regime in het zadel geholpen dat uiterst wantrouwend stond tegenover militairen die onder westers bevel hadden gevochten.

 

Invasie Normandië
Hoe kwamen er Poolse militairen in de Geallieerde gelederen terecht? Het Poolse leger raakte verdeeld nadat het land in 1939 van twee kanten werd aangevallen: op 1 september in het westen door nazi-Duitsland en op 17 september in het oosten door communistisch Rusland. Een groot deel van de Poolse strijdkrachten werd in september krijgsgevangen gemaakt, een ander deel wist via Hongarije naar Frankrijk te ontkomen, waar de Poolse regering in ballingschap huisde. Er werd daar een Poolse divisie gevormd in het plaatsje Coëtquidan (Bretagne). Vanuit allerlei windstreken meldden zich vaderlandslievende Polen aan. Generaal Stanislaw Maczek zwaaide de scepter; ondanks tegenwerking wist hij de Fransen uiteindelijk zo ver te krijgen dat ze hem een pantserbrigade lieten formeren, die met de Fransen mee zou vechten tegen de Duitsers.

 

Eerste Poolse Legerkorps 

Toen Frankrijk door de Duitsers werd aangevallen en al na enkele dagen capituleerde, weken Maczek en de zijnen als partizanen uit naar Engeland. In het kader van een Brits-Poolse overeenkomst werden daar een landmacht, luchtmacht en marine opgericht. De eenheden kwamen onder Brits opperbevel te staan, maar wel met de duidelijke clausule dat de Polen met hun eigen militaire eenheden ten strijde zouden trekken. Het Eerste Poolse Legerkorps werd in 1942 in Schotland opgericht. De Eerste Poolse Pantserdivisie en de Poolse Eerste Onafhankelijke Parachutistenbrigade bereikten daar een zelfstandige operationele status.
Zo maakte de Eerste Poolse Pantserdivisie onder leiding van Maczek, 16 000 man sterk, deel uit van de Geallieerde Landmacht en landde in juni 1944 in Arromanches in Normandië. De divisie werd daar toegevoegd aan het Canadese Eerste Leger. Met in hun vaandel de leus ´Voor uw en onze vrijheid´ hoopten de Polen Europa en vooral ook hun eigen vaderland te bevrijden.

 

Menselijkheid
De Polen rukten na overwinningen in Frankrijk op richting België en bevrijdden er plaatsen als Poperinge, Ieper en Gent en begin oktober ook een deel van Zeeuws-Vlaanderen. Maczek was van plan eerst Axel te veroveren en daarna Terneuzen. De Duitsers hadden het land ten zuiden van Axel onder water gezet en bruggen en wegen onbegaanbaar gemaakt. De Polen vielen niettemin aan en sloegen uiteindelijk ten oosten van Axel een bres in de Duitse linie.
Al waren de Polen fanatieke vechtjassen, toch hadden ze menselijkheid hoog in hun vaandel staan. Vrouwen, kinderen en onschuldige burgers trachten ze zo veel mogelijk te ontzien. Ze hadden de Duitsers zeker ook kunnen verjagen door Axel in zijn geheel onder vuur te nemen en zo plat te leggen, toch kozen ze daar niet voor. Er zijn heel veel doden aan Poolse zijde gevallen door deze humane wijze van oorlog voeren.


Oost-Drenthe en Zuidoost-Groningen 
Door een schijnmanoeuvre en een aanval in de flank wist het Poolse leger vervolgens in twee dagen tijd Breda te bevrijden en later ook Teteringen en Prinsenbeek. Ze trokken verder via Den Hout, Made, Terheijden, Wagenberg, Helkant, Drimmelen, Hoge Zwaluwe, Zevenbergen naar Hoek en Geertruidenberg. Begin april 1945 trok Maczek na enkele maanden rust met zijn divisie richting Nijmegen, waar ze Duitsland binnenvielen en Munster veroverden. In het noorden bevrijdden ze Coevorden en Emmen. In een week tijd ontdeden de Polen Oost-Drenthe en Zuidoost-Groningen van de Duitse bezetter.

 

Conferentie van Potsdam
Door de Geallieerde successen gedwongen capituleerde Duitsland op 8 mei 1945 onvoorwaardelijk. De oorlog was ten einde en de hard bevochten vrijheid een feit voor de Franse, Belgische en Nederlandse burgers en strijdmachten. Iedereen juichte. Maar de Polen juichten niet. De zo fel begeerde vrijheid van hun eigen vaderland bleek een illusie. Polen kwam na de derde van de drie grote naoorlogse conferenties, die van Potsdam (17 juli tot 2 augustus 1945) immers definitief en volledig onder Stalins invloedssfeer. Deelnemers waren alleen de grote Geallieerde mogendheden: de Sovjet-Unie, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van Amerika, vertegenwoordigd door partijleider Jozef Stalin, premier Winston Churchill en president Harry Truman. Churchill, die de motieven van Stalin wantrouwde en als enige flink weerstand bood tegen zijn plannen, verloor na de verkiezingen in zijn eigen land op 25 juli zijn positie als onderhandelaar. Clement Attlee nam zijn plaats in. Stalin kreeg hierdoor vrij spel, met desastreuze gevolgen voor Oost-Europa, inclusief Polen, waar met steun van de Sovjets een communistisch regime werd gevestigd dat tot 1989 aanbleef.

 

Showprocessen
In Polen werden rechteloosheid, vervolging van andersdenkenden en moordpartijen de praktijk van de dag, met name de eerste jaren na de oorlog. Hiervan werden ook de Poolse veteranen de dupe: de soldaten van de Eerste Poolse Pantserdivisie, de Poolse Eerste Onafhankelijke Parachutistenbrigade en het Tweede Poolse Corps dat in Italië had gevochten. Zes jaar lang hadden ze gevochten, zes jaar lang hadden ze niets meer van hun thuisfront gehoord, ze hadden hun strijdmakkers verloren, ontberingen doorstaan en gedroomd van een vrij vaderland. De meeste Poolse veteranen kozen er echter voor als balling in het westen te blijven. In plaats van de heldenontvangst die de westerse manschappen na terugkeer in hun vaderland kregen na de oorlog, wachtte hun het moeizame bestaan van een statenloze immigrant.

 

Geen eervol welkom 
Waar ze voor gevochten hadden, een vrij en onafhankelijk Polen, was immers bij de vredesbesprekingen geofferd. Zij die wel terugkeerden naar Polen en het nieuwe regime erkenden, hadden geen enkele garantie op een veilig bestaan, laat staan op een eervol welkom. Ze hadden immers met de vijand - het westen - geheuld en onder de Geallieerden gediend, wat in de ogen van Stalin en zijn handlangers gelijkstond aan landverraad. Verschillende officieren zijn opgepakt en in een showproces veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf, en later onder verdachte omstandigheden omgekomen. Ook voor de soldaten was dit lot niet denkbeeldig. Een groot aantal Poolse strijders heeft hun terugkeer met gevangenisstraf en de dood moeten bekopen.
Dit maakt de Poolse veteranen tot tragische helden. Voor hen geen militair pensioen, geen eerbetoon. Wie hun reputatie had kunnen opvijzelen, de Poolse regering in ballingschap in Londen, had geen macht: de internationale gemeenschap erkende immers de communisten in Warschau.

 

6  Polen

Stanislaw Sosabowski (1892-1967), oprichter en bevelhebber van de Poolse Eerste Onafhankelijke Parachutistenbrigade die meevocht met de Slag om Arnhem in 1944. Toen die mislukte, werd hij tot zondebok gemaakt. Koningin Wilhemina pleitte al meteen na de oorlog voor een eervolle onerscheiding, maar hij werd pas in 2006 gerehabiliteerd. 

 

Postume medaille
De lotgevallen van de generaals Stanislaw Maczek en van Stanislaw Sosabowski, oprichter en bevelhebber van de Poolse Eerste Onafhankelijke Parachutistenbrigade (4000 man), zijn wat dit betreft exemplarisch. Zij hebben beiden na de oorlog een eenvoudig burgerbestaan in Schotland geleid, moesten in hun onderhoud voorzien met nederige baantjes als kelner en afwasser.
Openlijke lof voor de verdiensten van de Polen kwam pas later, mede door toedoen van particulieren en instellingen zoals het Generaal Maczek museum in Breda. Na de val van het communistische regime in 1989 nam de communicatie tussen Polen in Nederland en hun vaderland toe en daarmee ook de kennis over en weer van de situatie in en kort na de oorlog.
Dit alles leidde eind 2005 tot het besluit van de Tweede Kamer om de Poolse Eerste Onafhankelijke Parachutistenbrigade de Militaire Willemsorde toe te kennen en Sosabowski, overleden in 1967, postuum de Bronzen Leeuw - de hoogste militaire onderscheiding. Twee kleinzonen namen deze namens Sosabowski in ontvangst.

 

Desastreus gestrand
Hem was jarenlang ten onrechte de schuld in de schoenen geschoven van het mislukken van de Slag om Arnhem in september 1944. Zijn parachutisten zouden niet goed gepresteerd hebben. Wat was de werkelijke gang van zaken? Britse, Amerikaanse, Canadese en Poolse jongens die zeventig jaar geleden op bevel van veldmaarschalk Bernard Montgomery uit het vliegtuig sprongen om Nederland te bevrijden, waren desastreus gestrand bij Arnhem. Sosabowski had Montgomery herhaaldelijk gewezen op de onhaalbaarheid van zijn ambitieuze plan, waar maar twee dagen voor was uitgetrokken. Het mocht niet baten, want Montgomery’s wil moest geschieden. Parachutisten werden midden in het vijandig gebied gedropt. Na vijf dagen heftige strijd en bloedvergieten gaven de geallieerde parachutisten zich over. De verovering van de Rijnbrug bij Arnhem was mislukt. Bij de gevechten stierven 18000 soldaten. Het droevige gelijk, achteraf, van Sosabowski.


Sosabowski was een zondebok geweest, het Britse opperbevel had zijn eigen fouten willen toedekken. Met het postume eerbetoon is dit dan eindelijk officieel toegegeven. Ook de andere Poolse veteranen krijgen langzamerhand grotere bekendheid, nu 4-5 mei-comite’s steeds vaker hun aandeel in de bevrijding belichten. Nu de geschiedenisboeken nog.

 

Afbeelding: De bevrijding van Breda, 29 oktober 1944 - een Poolse militair op zijn motor. 

*  Uw e-mailadres

*
  Voer de code in: