Blinde vlek of obsessie voor het verzet?

Kromhout

 

Belgen kijken anders naar het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog dan Nederlanders. In Vlaanderen hebben verzetsmensen zelfs lange tijd een negatief imago gehad. Bas Kromhout vertelt waarom de beeldvorming in de twee Lage Landen zo verschillend is.

 

Vlaams verzet

Nederlanders zijn gewend het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog op een voetstuk te plaatsen. Wij beschouwen verzetslieden als moedige mensen die, toen het erop aankwam, de juiste keuzes maakten. Hun gedrag dient tot voorbeeld. Talloze boeken, films en tentoonstellingen zijn er in Nederland aan het onderwerp gewijd. Dit lijkt vanzelfsprekend, totdat we over de grens kijken. De Belgen zijn op een totale andere manier omgegaan met hun verzetsverleden.

 

Onbekende soldaat: nationale held

Aanvankelijk werden in het bevrijde België, net als in Nederland en andere voormalige bezette landen, de verzetsstrijders geëerd als nationale helden. De herinnering aan het Belgische verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog kon gemakkelijk aanknopen bij de herinnering aan de Eerste Wereldoorlog. Nieuwe monumenten waren niet nodig; de namen van de gevallenen van 1940-1944 voegde men simpelweg toe aan de ontelbare gedenktekens voor de doden van 1914-1918. Bij de Congreskolom in Brussel, waar zich sinds 1922 het Graf van de Onbekende Soldaat bevindt, werden direct na de Tweede Wereldoorlog de eerste verzetsherdenkingen gehouden.

 

De Koningskwestie

Het initiatief kwam echter van oud-illegalen en oorlogsveteranen zelf, niet van de Belgische staat. Dit had te maken met de zogeheten Koningskwestie. Die ging over de vraag of Leopold III, die tijdens de Duitse bezetting in zijn land en op de troon was gebleven, schuldig was aan collaboratie. De kwestie spleet de Belgische samenleving en ook het voormalige verzet. Van de grote verzetsorganisaties was het Geheim Leger altijd loyaal gebleven aan de koning, maar het Onafhankelijkheidsfront zag hem als verrader. Zolang de Koningskwestie de gemoederen bezighield, was het te riskant voor regeringsvertegenwoordigers om aan herdenkingen deel te nemen. Dit gebeurde voor het eerst pas in 1951, nadat Leopold gedwongen was zijn functies over te dragen aan zijn zoon Boudewijn en afstand te doen van de troon.

 

Grootschalige collaboratie?

Ook nadat de Koningskwestie was opgelost, bleek het ondoenlijk de Belgische bevolking te verenigen rond één nationaal verhaal over de oorlogsjaren of verzet. Terwijl het verzet in ere werd gehouden door met name Franstaligen, hadden de meeste Vlamingen een radicaal ander perspectief. Verhoudingsgewijs waren minder Vlamingen dan Walen lid geweest van illegale organisaties. In Vlaanderen was het aandeel verzetsmensen op de totale bevolking 0,5 procent (net als in Nederland), in Wallonië 2,5 procent. Vlaamse nationalisten hadden op grote schaal met de Duitse bezetter gecollaboreerd.

 

Oud-illegalen blazen IJzertoren op

Het verhaal ging dat deze collaborateurs na de bevrijding door de dienaren van de Belgische staat onevenredig hard waren gestraft. In flamingantenkringen sprak (en spreekt) men van ‘de repressie’. Patriottische verzetsmensen hoorden politiek tot het andere kamp: zij hadden gestreden voor de eenheidsstaat België en golden daarom als anti-Vlaams. Deze indruk werd versterkt door het feit dat oud-illegalen in 1946 hét symbool van het Vlaamse nationalisme, de IJzertoren in Diksmuide, met dynamiet opbliezen.

 

Volgens de Vlaamse nationalisten bestond het verzet uit avonturiers, criminelen en opportunisten die pas kort voor de bevrijding in actie waren gekomen (‘septemberweerstanders’). Hoe was dit beeld terug te zien in de Vlaamse literatuur? Hoe zit het met de rol van de Holocaust in de Belgische oorlogseducatie? En: hebben onze zuiderburen een blinde vlek voor hun verzetsverleden, of moeten we misschien preken van een Nederlandse obsessie? Lees verder in ons maartnummer - nu in de winkel!

 

Afbeelding: 2 april 1945, Hengelo: omstanders sneren naar een collaborateur. Binnenlandse Strijdkrachten brengen hem naar het huis van een plaatselijke verzetsleider, waar hij vastgezet wordt. Foto genomen door Canadese fotograaf. Rijksmuseum Amsterdam.

 

jaar van verzet

De recent uitgekomen film Bankier van het verzet vertelt het verhaal van verzetsbankier Walraven van Hall. Naar aanleiding van deze film heeft het NRC het verhaal van nog een verzetsbankier opgeduikeld: Iman Jacob van den Bosch verdween zogezegd uit de geschiedschrijving. 

 

Bas Kromhout schreef Beelden van verzet. Hoe elke generatie anders omgaat met het verzetsverleden, een essay in opdracht van het Nationaal Comité 4 en 5 mei ter gelegenheid van 2018: Jaar van Verzet.

 

 

*  Uw e-mailadres

*
  Voer de code in: