GM 8 web FIZZDat er in 1813 een telg uit het Huis van Oranje de eerste Nederlandse koning werd, lijkt vanzelfsprekend. Nederland was immers nauw verbonden met deze dynastie, die van generatie op generatie stadhouders had geleverd. Toch was er in 1813 nóg een kandidaat. Eén met beduidend meer ervaring. Zijn naam: Lodewijk Napoleon Bonaparte.

En verder in het komende nummer van Geschiedenis Magazine:

THEMA: 200 jaar KONINKRIJK (1813-2013)

De uiteenlopende karakters van Willem I, II en III

De eerste drie Oranjekoningen waren zeer verschillend van karakter. Hun biografen illustreren de verschillen met treffende uitspraken van tijdgenoten.

Kennedy’s speechwriter: Cicero

Een half jaar voor zijn dood hield president Kennedy in Berlijn zijn belangrijkste toespraak: met de zin ‘Ich bin ein Berliner’ vatte hij een heel tijdperk samen, dat van de Koude Oorlog. Toch was hijzelf niet de bedenker van deze woorden. Dat was de Romeinse redenaar Cicero.

Loten als basis van de Atheense democratie

De kern van democratie is: vrije verkiezingen en een gekozen volksvertegenwoordiging. Althans, zo denken wij er nu over. Maar misschien is er iets te zeggen voor de opvatting van de oude Atheners. Die wezen belangrijke overheidsfuncties toe door middel van loting.

Beulen

De belangrijkste taak van een beul in de vroegmoderne tijd was niet de executie, maar het bestraffen en het martelen van verdachten om een bekentenis los te krijgen. Beul en slachtoffer hadden één ding gemeen: hun marginale positie in de samenleving.

*  Uw e-mailadres

*
  Voer de code in: